Image Image Image Image Image Image Image Image Image Image

Optoch Kommitee Zitterd | 18 oktober, 2017

Scroll to top

Top

Periode II – 1947 – 1963

Vlak vóór de oorlog had Sittard drie carnavalsverenigingen: de Marotte, de Aanhauwtesch en de Mander. Nadat de Duitse vijand was vertrokken, hervatten deze verenigingen weer aarzelend hun activiteiten. Burgemeester Coenders wenste nog maar één stadscarnavalsvereniging en drong aan op een fusie. Na emotionele bijeenkomsten lukte dit op 31 december 1945. De naam van de oudste verenging, de Marotte, werd aangehouden. Dominique (Dom) van den Bergh, die geen lid was van één van de drie fusieverenigingen, werd benoemd tot Vorst Marot. De carnavalsactiviteiten waren vlak na de oorlog beperkt. Op aandringen van de landelijke overheid en politie werd in 1946 de maskerade verboden. Uit protest werd de optocht afgelast.

1947:

Eerste na-oorlogse optocht. Deze trok ook door Ophoven en Overhoven. De Marot-tinnekes namen de eerste keer deel aan de optocht en ‘trokken’ de slee waarop prins Zef III (Gijsen) triomfantelijk door Sittard ‘gleed’.

1948:

Tijdens de jubileumoptocht (6×11) moest prins Lei Storms regelmatig zelf hand-en spandiensten verrichten. Zij prinsenwagen was zo hoog, dat hij alleen de over de weg gepannen electriciteitsdraden kon ontwijken door deze steeds over zijn hoofd te tillen. Overigens was maskerade op carnavalszondag alleen tijdens de optocht toegestaan.

1949:

Dit jaar geen optocht, maar een groots opgezet ‘Hoerae-défilé’. Veel Sittardenaren waren verkleed als ‘auw wiever, hoeraes, of in dominoos en sjluppe jes’. Verder bevond zich onder dit ‘voetvolk’ vertegenwoordigers van buurten en verenigingen. Er was dus ook geen officiële prinsenwagen, maar prins Sjuul I (Paques) van de BRAND-straat nam plaats op de ladder van de BRAND-weerwagen. In deze opmerkelijke carnavalsdemonstratie maakte Jeun Schelberg zijn debuut als Charly Chaplin. Met zijn karakteristieke loopje en actuele ideeën amuseerde hij het publiek 3×11-jaar.

1950:

Nadat de Marotte de vriendschapsbanden hersteld hadden met de Grosze Kölner trad Vorst Dom van den Bergh af en werd zijn plaats ingenomen door Wil Heuts. Er was ditmaal wel een optocht. Mr.J Vencken, voorzitter van de VVV, stelde geldprijzen ter beschikking voor de optocht. Deze vereniging formeerde ook een jury. Veel media-belangstelling voor de stoet, want de K.R.O., de A.V.R.O. en de Wereldomroep maakten radio-opnames en Polygoon filmde de Sittardse optocht.

1953:

De Marotte met als animator Wil Heuts beleefde hoogtijdagen. Mede door de hechte samenwerking met de Grosz Kölner zagen de Sittardenaren vele jaren prachtige zittingen en andere evenementen. De optocht zou dit jaar ook zo’n hoogtepunt vormen. De ernstige watersnoodramp, de Elisabeth-stormvloed van begin februari, had voor veel menselijk leed gezorgd en in Limburgse steden werden alle carnavalsvieringen afgelast. Ter compensatie werd in april een “Boerebroelof van Nol (Wil Heuts) en Jeideldie (Gert Willems-Vroemen)” gehouden.
De bruiloftsstoet trok in optocht door de binnenstad met de Markt als feestelijk eindpunt. Nadat de Marotte-kapel o.l.v professor Patchenini (Chrit Pfennings) in december 1952 de finale van de Limburgse Anjeravonden had gewonnen, mochten ze in september op Paleis Soestdijk met het kolderieke ‘Dichter und Bauer’ optreden voor de koninklijke familie. Ze werden hierbij begeleid door de Marotte-familie. Prins Bernhard werd benoemd tot ere-commandeur van de Marotte.

1953:

De Marotte met als animator Wil Heuts beleefde hoogtijdagen. Mede door de hechte samenwerking met de Grosz Kölner zagen de Sittardenaren vele jaren prachtige zittingen en andere evenementen. De optocht zou dit jaar ook zo’n hoogtepunt vormen. De ernstige watersnoodramp, de Elisabeth-stormvloed van begin februari, had voor veel menselijk leed gezorgd en in Limburgse steden werden alle carnavalsvieringen afgelast. Ter compensatie werd in april een “Boerebroelof van Nol (Wil Heuts) en Jeideldie (Gert Willems-Vroemen)” gehouden.
De bruiloftsstoet trok in optocht door de binnenstad met de Markt als feestelijk eindpunt. Nadat de Marotte-kapel o.l.v professor Patchenini (Chrit Pfennings) in december 1952 de finale van de Limburgse Anjeravonden had gewonnen, mochten ze in september op Paleis Soestdijk met het kolderieke ‘Dichter und Bauer’ optreden voor de koninklijke familie. Ze werden hierbij begeleid door de Marotte-familie. Prins Bernhard werd benoemd tot ere-commandeur van de Marotte.

1954:

Ondanks de sneeuwbuien zorgde de groep van Ophoven in de optocht voor een hartverwarmend debuut. De Nederlandse wielrenners met o.a. Jan Nolten hadden o.l.v. Kees Pellenaers voor Tour de France-successen gezorgd. De tourploeg uit Ophoven op de meest vreemde fietsen, koerste met orginele Tour-attribiten doldwaas door de stad. Deze wijk zorgde nog vele jaren voor optochtamusement. Vooral als cowboys, indianen en Tarzan hun kunsten vertoonden. Ook in topvorm was weer het duo Jan Le Haen en Toon Klawa. Het publiek werd ‘getrakteerd’ op een hevig water plassende koe.

1956:

De Marotte konden de kosten van de jaarlijks terugkerende optocht niet meer bekostigen. Ze riepen de steun in van de Sittardse kasteleins, winkeliers, middenstand, organisaties, verenigingen en particulieren. De noodroep werd niet beantwoord. Nadat de optocht al van het programma was geschrapt, kwam de kasteleinsvereniging met een daverende verrassing: ƒ 3400,=. De optocht was gered. In deze stoet bewezen de wagenbouwers van de Steenweg opnieuw hun kwaliteit. De wagen van de ‘Sjteivig’ kreeg voor de vierde keer op rij de hoogste prijs.

1957:

In 1881 werd de ‘ Sociëteit van de Marotte te Sittard’ opgericht met als doel het organiseren van een optocht. Dit jaar gaven ze deze verantwoordelijkheid in handen van een comité waarin zitting hadden wethouder Kreyn en afgevaardigden van de Middenstand, VVV, Kasteleinsbond en de Marotte. Twee jaar later nam de Marotte het initiatief weer terug.

1959:

De Sittardse carnavalswagens onderscheiden zich door de mechanische bewegingen van de grote figuren. De Buurt Paardestraat verrast zelfs met ‘lopende’ en ‘duwende’ en ‘ fietsenden’ personen. De organisatie van de kinderoptocht was in handen van het huldi-gingscomité (7×11), Club Wo Van en de Marotte.

1960:

De buurten en verenigingen bouwden hun carnavalswagens in boerenschuren, gargages en zelfs in gedeeltelijk ommuurde en half-overdekte ruimtes. Geen gemakkelijk karwei, want de weersomstandigheden speelden hen hierbij danig parten. Dit jaar was er gebrek aan bouw-ruimte en de gedupeerde buurten konden gratis bouwen in de veilinghallen nabij het station. (huidige Albert Heyn). De prijsuitreiking van de ‘grote’ optocht geschiedde na de kinderoptocht. Er was intussen ook de kinderoptochtcomité opgericht o.l.v. Zef Schmeits en o.a. Mil Cals, Jan Kessels en Joep van Rooy

1962:

Daags vóór de optocht werd de carnavalswagen van de prinsenbuurt P.P.P. door vandalen onherstelbaar vernield. Deze wagen trok toch mee in de stoet met al opschrift: ” Den duuvel is hie aangewaes”. De prijswinaars van de optocht kregen voor het eerst als beloning een wimpel.

1963:

De Marotte-zittingen bleven van bijzondere kwaliteit. Zo kwamen het Keulse Dreigestirn en de Mainzer Hofzänger op bezoek. Dit stond in scherp contrast met de organisatie van de optocht. De veilinghallen konden niet meer gebruikt worden en nadat de middenstandsvereniging de financiële steun niet meer kon toezeggen, bleef het lang onzeker of er wel een optocht zou trekken. Drie weken vóór carnaval kwam de positieve beslissing. De buurt/ vereniging met de mooiste carnavalswagen ontving de Mr John Vrencken-trofee. Definitief bezitter van dit fraaie kunstwerk werd men door driemaal achter elkaar of vijfmaal in zijn totaliteit de prijs te winnen. De buurt Limbrichterstaat ging als eerste met de hoge eer strijken. De Marotte gaven opnieuw de organisatie van de carnavalsoptochten uit handen. Er werd naarstig gezocht naar een oplossing.